Gewichtsartikelen zijn onderworpen aan specifieke GS1 identificatieregels. Hierna worden zij in het kort toegelicht. Voor meer informatie raadpleeg ook:
Alle handelseenheden met een vast gewicht worden geïdentificeerd door een GTIN-13. Stukartikelen en groepsverpakkingen kunnen tevens met een GTIN-14 geïdentificeerd worden. Ook sommige vlees-, vis- en kaasproducten, alsook sommige groenten- en fruitverpakkingen die een approximatief vast gewicht hebben, kunnen door de handelspartners als 'vast gewicht' beschouwd worden. Dit kan het geval zijn bij detailhandelseenheden (vb: een pakje met steeds 6 sneden jonge kaas; een schaaltje met 2 mango's), stukartikelen (vb: één nootham van ongeveer 1,5 kilo) en standaard groepsverpakkingen (vb: een tray met 6 zalmforellen van elk ongeveer 1 kilo).
Leden van GS1 Belgium & Luxembourg zullen het GTIN-13 als volgt gebruiken:
| GS1-bedrijfsprefix | Artikelnummer | Controlecijfer |
Of: Of : | 54 M M M M M 54 M M M M M M 54 M M M M M M M | A A A A A A A A A A A A | C C C |
Handelseenheden met veranderlijk gewicht zijn eenheden die verkocht, besteld of geproduceerd worden in hoeveelheden die voortdurend kunnen variëren. Deze eenheden - uitgezonderd detailhandelseenheden - worden geïdentificeerd met een GTIN-14, waarin de 'indicator' (eerste cijfer uiterst links) de waarde 9 aanneemt. Dit GTIN-14 moet verplicht aangevuld worden met een hoeveelheid. Als er van een welbepaalde handelseenheid met veranderlijk gewicht verschillende standaardgroeperingen bestaan, moet elk van deze groeperingen een uniek GTIN krijgen dat telkens begint met 9.
Leden van GS1 Belgium & Luxembourg zullen het GTIN-14 voor deze toepassing als volgt gebruiken:
| Indicator | GS1-bedrijfsprefix | Artikelnummer | Controlecijfer |
Of: Of : | 9 9 9 | 54 M M M M M 54 M M M M M M 54 M M M M M M M | A A A A A A A A A A A A | C C C |
In eCom-berichten en in de CDB worden handelseenheden met veranderlijk gewicht steeds met hun GTIN-14 geïdentificeerd.
Op detailhandelseenheden zal verplicht gebruik gemaakt worden van de EAN-13 (en eventueel UPC-A) barcode, de enige streepcode die vandaag door vaste kassascanners kan gelezen worden. Vanaf 2010 wordt het ook mogelijk om GS1 DataBar te gebruiken.
Op stukartikelen en groeperingen zal gebruik gemaakt worden van de GS1-128 barcode. GS1-128 is een zeer compacte en betrouwbare lineaire barcode waarmee niet alleen het GTIN maar ook attribuutgegevens (vb. datums, gewichten, lotnummers) kunnen voorgesteld worden.
Op verse producten zal doorgaans gewerkt worden met een etiket. Om een goede leesbaarheid van de barcode te waarborgen, is het belangrijk dit etiket op een zo vlak mogelijk oppervlak te kleven. Op ronde producten (vb: worst) wordt best gebruik gemaakt van de lengterichting, niet de dwarsrichting.
Bij detailhandelseenheden met veranderlijk gewicht wordt de prijs of het gewicht in de barcode weergegeven om aan de kassa gelezen te worden. Deze oplossing is zuiver nationaal.
Bedrijven die voorverpakte producten verkopen onder eigen merknaam zullen in België en het groothertogendom Luxemburg gebruik maken van prefix 28, 295 of 296. De meest gangbare nummeringsstructuur is de volgende:
Prefix | Nationaal artikelnummer toegekend door GS1 Belgium & Luxembourg | Prijs in euro (2 decimalen) | Controlecijfer |
2 9 5 | A A A A A | E E E E | C |
Voor de aanvraag van nationale artikelnummers bij GS1 Belgium & Luxembourg, download het formulier. De toekenning van deze artikelnummers is gratis voor de leden.
Voorverpakte producten die verkocht worden onder merknaam van de distributeur (private label) of producten die in de winkel zelf verpakt worden, zullen door de distributeur geïdentificeerd worden. Prefix 02 maar ook prefixreeks 20 tot 27 kunnen hiervoor gebruikt worden.
Voor de codering van stukartikelen met een veranderlijk gewicht (vb: één nootham, één bol kaas) wordt aanbevolen om minimaal de volgende gegevens in de GS1-128 barcode op te nemen:
Voorbeeld:
Voor de codering van standaard groepsverpakkingen met een veranderlijk gewicht (vb: een standaard tray met 5 zalmen) wordt aanbevolen om minimaal de volgende gegevens in de GS1-128 barcode op te nemen:
Voorbeeld:
Voor de codering van niet-standaard groepsverpakkingen met een veranderlijk gewicht (vb: een tray die een variabel aantal noothammen kan bevatten), wordt aanbevolen om minimaal de volgende gegevens in de GS1-128 barcode op te nemen:
Rekening houdend met het groot aantal gegevens, wordt aanbevolen om ze als volgt te verdelen over twee barcodes:
Voorbeeld:
Voor stukartikelen, standaard en niet-standaard groepsverpakkingen, die per vast gewicht verhandeld worden, wordt het nettogewicht in kilogram niet vermeld. Voor het overige zijn de hogervermelde oplossingen van toepassing.
De reële grootte van een GS1-128 streepcode zal afhangen van onder meer de gebruikte drukkwaliteit en het aantal gecodeerde tekens. Zo zal bij een X-dimensie 0,4 (hetgeen betekent dat het smalste streepje 0,4 mm breed is) een GS1-128 streepcode van 34 numerieke tekens een totale breedte hebben van 93,2 mm (exclusief marges). Voor de hoogte van de GS1-128 streepcode is de ideale hoogte 32 mm en de minimale hoogte 13 mm. Voor scanning in logistieke omgeving, beveelt GS1 een minimale X-dimensie van 0,5 mm aan.
print print deze pagina