GS1 Belgilux

EPAL Pilootproject

1. EPAL

EPAL is een VZW die instaat voor de kwaliteit van meer dan 400 miljoen europalletten. Meer dan 70 miljoen daarvan worden jaarlijks vervaardigd door meer dan 400 fabrikanten wereldwijd, terwijl meer dan 1.000 centra instaan voor de herstelling van diezelfde palletten. Fabrikanten, distributeurs, herstellers, gebruikers, spoorwegmaatschappijen en andere transporteurs moeten het hoofd bieden aan talrijke problemen met het oog op een degelijke werking binnen de complexe logistieke keten waar alle voornoemde spelers deel van uitmaken.

2. Overzicht van de objectieven

Het EPAL project, opgestart in 2007, heeft tot doel elk pallet individueel te identificeren om de productie- en herstelcontrole te verbeteren, een nauwkeurige authentificatie toe te laten, de poolgebruikers een waardevolle tool aan te reiken om de toevoer, de kwaliteit en de eigenaar van de palletten na te trekken en nieuwe mogelijkheden te creëren in de logistieke keten.

Alle GS1/EPC standaarden kwamen in aanmerking: passieve EPC Gen2 etiketten voor de codering, de EPCIS standaarden voor het opslaan van gegevens, de Europese ONS (Object Naming Service).

3. Plaatsing van de tag

Een van de eerste opdrachten bestond erin, samen met Holliger Pallet Logistics (één van de EPAL partners in dit project), de plaatsing van de tag op de pallet te bepalen, rekening houdend met de te verduren behandelingen et de herstelcriteria. Een pallet loopt immers talrijke beschadigingen op in de loop van zijn levenscyclus en de herstelling gebeurt in functie hiervan. De plaatsing van de tag moet ook hier rekening mee houden. Er werden trouwens een reeks statische en dynamische testen uitgevoerd op lege palletten en palletten beladen met verschillende producten, vervaardigd uit aluminium of met vloeibare inhoud, om de beste plaatsing uit te testen naargelang het gebruik van de pallet om uiteindelijk de meest aangewezen plaatsing te bepalen met de beste leesbaarheid. Van de 5 weerhouden plaatsingen (zie schema), werd uiteindelijk plaats 3 verkozen wegens het laagste risicogehalte en de optimale leesbaarheid van de tag. Ten behoeve van een betere leesbaarheid van de pallet werden bovendien twee tags geplaatst, één aan elke kant.

Zes soorten tags geselecteerd uit 40 bestaande modellen werden getest om na te gaan welke bestand zijn tegen temperatuurschommelingen gaande van- 20°C tot + 80°C.

4. Lokalisatie en kwaliteitscontrole van de pallet

Om ten allen tijde de pallet te kunnen lokaliseren en naar kwaliteit te controleren en te kunnen nagaan of ze wordt hersteld dan ja in omloop is, is het van belang deze te kunnen traceren aan de hand de gegevens in de tag. Daarom heeft EPAL ervoor gekozen een GRAI te coderen vermits het hier om een herbruikbare "asset" gaat. Vervolgens worden de met lezer verzamelde en gefilterde gegevens opgeslagen in de ERP van de gebruiker en overgemaakt aan de EPCIS. Elke deelnemer aan dit project beschikte over dezelfde informatica-architectuur met het oog op de uitwisseling van gegevens. Van zodra een informatie wordt opgevraagd door de gebruiker, de licentiehouder of het algemeen secretariaat van EPAL, wordt een verzoek ingediend bij de verschillende aanwezige ONS (de EPAL ONS, de Europese ONS en de Zwitserse ONS), die het adres overmaakt van de EPCIS met de gevraagde inhoud om de EPCIS van de aanvrager opnieuw te verwijzen naar de juiste gegevensbron. Deze laatste kan dan beschikken over alle nodige gegevens.

5. Pilootproject in Zwitserland

Het pilootproject werd verwezenlijkt in Zwitserland tussen verschillende partners en volgens het hierboven weergegeven schema.

De verzamelde gegevens verschillen naargelang het type gebruiker. Zo onderscheiden wij bijvoorbeeld de licentiehouder, het EPAL secretariaat en een lambda gebruiker. Terwijl de licentiehouders vragen heeft over de kwaliteit of de authenticiteit van een pallet of over de plaats waar die zich bevindt, zal het EPAL secretariaat zijn aandacht vestigen op de inventaris van de europalletten wereldwijd, de detectie van namaak of het bestaan van eventuele zwarte markten. De lambda gebruiker zal zich daarentegen concentreren op de authenticiteit of de historiek van de pallet. In ieder geval verhoogt deze oplossing de zichtbaarheid van de europaletten-stroom en biedt ze nieuwe logistieke mogelijkheden.

6. Resultaten

De resultaten van dit pilootproject zijn velerlei. Onthouden we voornamelijk het bepalen van de plaatsing en de nesteling van de tag op de pallet, waarmee een leesbaarheidsgraad van bijna 100% wordt bereikt. Vermelden we eveneens dat het infrastructuurconcept werd verwezenlijkt en goedgekeurd, evenals het organisatieconcept en het economisch model.

Bovendien heeft dit project het licht geworpen op een vermindering van de administratieve taken op het algemeen secretariaat van EPAL, een verhoogde kwaliteit van de EPAL palletten, de automatisering van de licentie-uitreikingen en de factuurverwerking en een verhoogde zichtbaarheid van de stroom zowel op lokaal als op internationaal niveau. Tot slot wordt het makkelijker om de aanwezigheid van namaak of zwarte markten vast te stellen.

7. Volgende stappen

De langste weg is afgelegd, rest nog te beslissen over wat de precieze inhoud van de tag moet zijn. Daar waar EPAL om vanzelfsprekende redenen gekozen heeft voor de GRAI (het gaat hier om een herbruikbare « asset »), zullen andere gebruikers van het EPAL netwerk misschien een SSCC willen coderen (in dat geval, gaat het om een logistieke eenheid: pallet + inhoud) om zo een betere traceerbaarheid van hun verzending te verzekeren. Zal dit mogelijk zijn ten koste van de GRAI of door segmentatie van het tag geheugen? Wordt het interessanter van één of meerdere tags toe te voegen om al deze taken aan te kunnen?  Om al deze vraagstukken op te lossen, zal een GS1 werkgroep ‘RTI Pallet Tag definition' worden opgericht. Noteer ook dat het pilootproject wordt uitgebreid naar andere landen. Geïnteresseerden welkom!